de echte waarde

Huidige landbouw is een dief van onze portemonnee

wo 25 feb 2026
Image
We zijn trots op onze Nederlandse landbouw. Als tweede landbouwexporteur ter wereld vliegen onze melkpoeders, pootaardappelen, uien, groentes en snijbloemen de wereld over. Ook de Wageningse Universiteit, onze veredelaars en kassenbouwers zijn wereldberoemd. In het totaal genereert de sector jaarlijks ongeveer € 13,3 miljard aan toegevoegde waarde. Helaas hangt er een donkere wolk boven dit sprookje.

Wat is er aan de hand?

De onbetaalde rekeningen van dit systeem stapelen zich op. Biodiversiteit, bodem- en waterkwaliteit, uitstoot van broeikasgassen, dierenwelzijn, humane gezondheid en weerstandsvermogen van de landbouw tegen weersextremen worden allemaal geofferd voor productie maximalisatie. Economen noemen dit “externaliteiten” en als je die buiten je blikveld parkeert, dan lijkt het alsof je tot het einde der dagen met dit systeem door kan gaan. 

De werkelijkheid is anders. Want we staan niet buiten de natuur, we zijn er onderdeel van. En om te overleven zijn we er volstrekt van afhankelijk. Want hoe uitzonderlijk getalenteerd de mensheid ook is, voedsel kunnen we nog steeds niet maken. We kunnen handig omgaan met de natuur, maar die appel maken we echt niet zelf. 

Als je je dat realiseert snap je ook dat we er voorzichtig mee moeten zijn. Niet alleen uit ethische overwegingen en bewondering voor de schoonheid van het hele ecosystemen maar uit pure noodzaak om te overleven. 

Ingrijpen

Die redenering is nog wel te omarmen maar ernaar handelen is een stuk ingewikkelder. Dat heeft een paar oorzaken; ten eerste het “shifting baseline” fenomeen; de veranderingen voltrekken zich zo langzaam dat we er makkelijk aan kunnen wennen. Als je nooit een veldleeuwerik hebt gezien mis je hem ook niet en kun je jezelf wijsmaken dat het allemaal wel meevalt. 

Ten tweede het “free rider’ fenomeen. Altijd fijn als anderen eerst wat doen en jijzelf de dans ontspringt. Dus laat eerst de chemische industrie maar stoppen met PFAS lozingen. Dat is een veel groter probleem dan het landbouwsysteem. 

En tot slot; ernaar handelen vergt offers. Afscheid nemen van een hoog ontwikkeld systeem en inruilen voor nieuw systeem wat zich alleen nog maar aftekent maar er nog niet is. Daar hebben niet alleen burgers last van die kiloknallers op de BBQ willen blijven leggen maar vooral de agro-industrie en hun leger lobbyisten die hun verdienmodel in stand willen houden. 

Feiten voorop. 

Het debat over landbouw en voedsel behoorlijk is gepolariseerd. En iedereen is in staat om de onderbouwing te vinden die het eigen gelijk ondersteunt. 

Daarom zijn we zo blij met een recente studie naar de kosten en baten van het Nederlandse landbouw- en voedselsysteem die in opdracht van de Robin Food Coalition en de Transitie Coalitie Voedsel is uitgevoerd door Deloitte (“The Hidden Bill; Reshaping Dutch Agriculture”). 

De uitkomst is klip en klaar. De € 13,3 miljard toegevoegde waarde per jaar geeft een volstrekt vertekend beeld. Het huidige systeem brengt namelijk ook jaarlijks € 18,6 miljard maatschappelijke kosten met zich mee. We staan dus als maatschappij jaarlijks dik € 5 miljard in de min. En die rekening betaalt de belastingbetaler nu en onze eigen kinderen later.

Gelukkig is er ook een alternatief; Deloitte berekende ook de baten en kosten van een extensiever, innovatiever en duurzamer systeem waarin we bovendien minder dierlijke en meer plantaardige eiwitten gaan consumeren. De uitkomsten zijn bemoedigend; het systeem kan een jaarlijkse positieve bijdrage van dik € 5 miljard opleveren.  En bovendien kunnen we zo meer dan genoeg voedsel produceren om Nederland te voeden. Deze transitie levert ons dus als samenleving €10 miljard per jaar op. Dat moet toch zowel links, rechts en alles ertussenin aanspreken.

Uitdagingen

Het ombuigen van het huidige systeem naar een duurzamer systeem is een enorme klus. Overheid, boeren, toeleverende en verwerkende bedrijven, banken, verzekeraars, NGOs, onderzoekers en consumenten hebben er allemaal een rol in te vervullen. Daarbij moeten we zorgen dat boeren in staat zijn om te schakelen naar een duurzamer systeem. En garanderen dat iedereen toegang krijgt tot duurzaam geproduceerd en gezond eten. Het is duidelijk dat de overheid hierin de rol van regisseur op zich moet nemen. De uitslag van de verkiezingen geeft gelukkig hoop dat we niet langer wegkijken van deze enorme uitdaging.