Jan Paul van Soest

Directeur Transitiecoalitie Voedsel

Coalition member image

Jan Paul van Soest is directeur-bestuurder van de Transitiecoalitie Voedsel, waar hij zich inzet voor een eerlijker, duurzamer en gezonder landbouw- en voedselsysteem. Hij is mede‑oprichter van de coalitie en nam in 2024 de directierol over om de koers te versterken en de beweging verder te verbreden.

Van Soest is een ervaren duurzaamheidsexpert, bekend van zijn werk rond klimaat, true pricing en systeemverandering. Binnen de Transitiecoalitie Voedsel verbindt hij ondernemers, maatschappelijke organisaties en beleidsmakers om de voedseltransitie te versnellen.

De complexiteit van de landbouw-en voedseltransitie aanpakken is een intellectuele uitdaging van jewelste, maar bovenal een ongekende maatschappelijke uitdaging en noodzaak.

Jan Paul

Wat drijft jullie om onderdeel te zijn van de Robin Food Coalition?

Denkend over de samenwerking Transitiecoalitie Voedsel (TcV) en Robin Food Coalition (RFC) komt allereerst het samenwerkingsproject The Hidden Bill op. We trokken en trekken intensief samen op om een economische analyse van de omslag naar een duurzaam landbouw- en voedselsysteem te maken. Die is uitgevoerd door Deloitte, en de studie heeft een boel tractie gekregen in de media en in het maatschappelijke debat.

In de samenwerking blijkt een waardevolle synergie: waar RFC zich met name richt op het promoten van biologisch, en een meer activistische aanpak hanteert, richten wij de aandacht op het veranderingsproces van het gehele landbouw- en voedselsysteem, en zetten we die middelen in die passen bij de fase van de deeltransitie die we willen versnellen. Van regeneratieve landbouw tot lokale voedselketens, en van gebiedsprocessen tot eerlijke economische modellen. Onze kracht ligt in het verbinden van partijen en het ‘mainstreamen’ van duurzame praktijken, zodat ze niet alleen voor iedereen toegankelijk worden. Dat is mooi complementair, en dat blijkt onder meer in de samenwerking rond The Hidden Bill.

Hoe kan voedsel en landbouw volgens jullie een positieve bijdrage leveren aan mens en natuur, en welke rol spelen jullie daarin?

Per definitie is voedsel natuurlijk al positief omdat het de mens voedt, en zo beschouwd is landbouw, die voedsel levert, ook positief. Alleen, bij de productie maar ook bij de consumptie ontstaan ook negatieve effecten, die zoals de Deloitte-studie laat zien zelfs groter kunnen zijn de baten. De uitdaging is de balans netto positief te laten zijn. Dat kan door regeneratieve vormen van landbouw die bodem en natuur helpen herstellen en die koolstof uit de atmosfeer (verantwoordelijk voor klimaatverandering) blijvend kan vastleggen. En het kan door verandering van eetpatronen en diëten die daarbij passen: meer plantaardige diëten, zeker wat betreft eiwitten, en minder maar vooral ook betere dierlijke eiwitten. Dan kan een belangrijk deel van de ziektelast die het gevolg is van ongezonde eetpatronen verminderen. Tenslotte denken we dat een andere landbouw- en voedselsysteem meer ‘sociaal kapitaal’ kan creëren: verbindingen tussen boeren en burgers, tussen burgers onderling, tussen stad en platteland – dergelijke verbindingen vertegenwoordigen ook waarde. Het achterliggende patroon is dat steeds dat wat we van belang en van waarde vinden (gezonde planeet, gezonde mensen, gezonde verhoudingen en verbindingen) in de afgelopen 40-50 jaar in de knel is gekomen door ver doorgevoerde vormen van marktdenken. Voedsel is een op anonieme markten verkrijgbare ‘commoditeit’ (bulkproduct) geworden die met hoge volumes en lage prijzen worden geproduceerd, terwijl de waarden als landschap, biodiversiteit, dierenwelzijn etc. etc. niet in de prijzen terug te vinden zijn. Een ‘positieve bijdrage leveren aan mens en natuur’ betekent in de huidige omstandigheden: waarden creëren die nu niet in de prijzen worden verrekend. Dat gaat niet vanzelf: om die waarden daadwerkelijk te creëren, zullen producenten en consumenten moeten worden beloond om het goede te doen. Dat is nogal een omslag: het huidige systeem maakt het juist makkelijk en goedkoop om het verkeerde te doen. We zien dat op nog te kleine schaal het mogelijk is die positieve bijdrage te leveren, via regionale en gebiedsinitiatieven, biologische landbouw en voedselketens, burger- en niche-initiatieven, noem maar op. Het aanbod is er, het is nu zaak ook voldoende vraag te creëren, onder meer door andere prijsverhoudingen en regelgeving. Dat al dat soort initiatieven opkomen wil vooral ook zeggen dat beleidsmakers niet zo benauwd hoeven te zijn te sturen op verduurzaming van ons landbouw- en voedselsysteem. En ook de macro-analyses van Deloitte bevestigen het: de “BV Nederland” gaat erop vooruit als we een landbouw- en voedselsysteem maken dat positief is voor natuur en mens.

Hoe kunnen wij jullie in die rol ondersteunen?

De vraag lijkt me meer: hoe kunnen we elkaar ondersteunen? Onze grootste uitdaging is het opschalen van succesvolle voorbeelden met beperkte middelen. Niches uit laten groeien tot mainstream.

We kunnen elkaar helpen door:

  • Gezamenlijke lobby en communicatie

  • Financiële en strategische partnerschappen: Samenwerking tussen TcV en RFC kan helpen om fondsen te vinden voor het uitrollen van projecten die aantonen dat duurzame landbouw ook economisch haalbaar is.

  • Kennisuitwisseling: RFC weet thema’s te agenderen en maatschappelijke druk te

    creëren, wij kunnen de inzichten die zo ontstaan ‘vertalen’ naar samenwerkingsverbanden en overheidsactie, en daarvoor lobbyen.

Welke persoonlijke missie brengt jou in de wereld van duurzaam voedsel en landbouw?

In de jaren ’70 las ik het eerste rapport aan de Club van Rome, Grenzen aan de Groei. Dat bracht me ertoe milieukunde in Wageningen te gaan studeren, en sindsdien ben ik op missie voor een groenere wereld. Ik heb 30 jaar vooral veel energie en tijd ingezet voor de energietransitie, met name omdat de klimaatverandering als gevolg van ons fossiele energiegebruik een angstaanjagend probleem is. Maar de energietransitie is een eitje in vergelijking met de landbouw- en voedseltransitie, met zulke uiteenlopende doelen en impacts, verschillende aspecten, maatschappelijke overtuigingen en veranderstrategieën dat ik mijn aandacht steeds meer ben gaan verleggen naar landbouw en voedsel. Daarom heb ik 8 jaar geleden samen met Willem Lageweg en Natascha Kooiman de Transitiecoalitie Voedsel opgericht, om te doen wat in elke fase van de transitie nodig is om de processen aan te jagen en te versnellen. Soms met stenen in de vijver, soms met het creëren van samenwerkingsverbanden, soms met een of twee partners samen, soms met bredere coalities. De complexiteit van de landbouw- en voedseltransitie aanpakken is een intellectuele uitdaging van jewelste, maar bovenal een ongekende maatschappelijke uitdaging en noodzaak. We zouden als

Transitiecoalitie Voedsel naar onze opheffing moeten streven, maar te vrezen valt datwe – om met de Club van Rome te spreken – precies op schema zitten, en dat onze inzet de komende tijd nog hard nodig is.

Word lid van de coalitie

Lid worden van de Robin Food Coalition betekent bijdragen aan een eerlijker en duurzamer voedselsysteem. Als Versneller of Bondgenoot maken leden samen de stap van intentie naar actie, door kennis te delen en impact op te schalen.